Lees

Hulp vragen

Mijn lief moet onverwacht overwerken. Ik haal twee huilende kinderen op van de bso, er zijn bij thuiskomst geen boodschappen in huis en onze hond blijkt diarree te hebben. Tot overmaat van ramp was het dagen geleden dat ik langer dan vijf uur sliep. Ik sta daar met gigantische wallen onder m’n ogen, blèrende kinderen in de gang, in een keuken vol hondenpoep en ik zou in stukjes uiteen willen vallen en verdwijnen tussen de kieren van de vloer.

Jaren geleden, toen ik aan het begin stond van mijn glansrijke carrière, werd me tijdens een sollicitatiegesprek gevraagd of ik om hulp vraag. Voor m’n gevoel dacht ik veel te lang na over m’n antwoord. Vraag ik om hulp? Ik ben een trots persoon, geef niet snel op en ben nooit echt de fase van ‘zelluf doen’ ontgroeid, maar ik lever ook graag kwaliteit, ben eerlijk over mijn tekortkomingen en vind het fijn te leren van anderen. Mijn conclusie was ja, ik vraag om hulp. Dat doe ik liever dan dat ik aan blijf modderen. Bovendien willen anderen graag willen helpen. Toch blijft het moeilijk.

Om hulp vragen is een kunst. We zijn anderen niet graag tot last, worden opgevoed tot zelfstandige individuen en denken dat dat betekent dat we alles alleen moeten kunnen en vergelijken ons met die irritante succesvolle types die het allemaal wel lukt. Dat kan ik toch zeker ook?

Gelukkig ben ik gezegend met het vermogen om makkelijk los te laten. Dat maakt hulp vragen al een stuk makkelijker. Zo gaat mijn moeder vrijwel iedere week met Lieve en Pepijn naar zwemles, omdat ik daar altijd psychisch geknakt van terugkom en brengen andere ouders ze naar school als het ons niet lukt. Ik moet vaak nog een drempeltje over, maar ik regel het en het komt altijd goed.

Behalve die avond. Als het écht nodig is, doe ik het niet. Als de stank van de hondenpoep bijna pijn doet aan mijn neusharen, ik geen flauw idee heb wat ik moet koken voor die jammerende jeugd van tegenwoordig en mijn creativiteit en improvisatietalent me volledig in de steek laten en ik het liefst weg zou willen rennen. Ik vraag geen hulp.

Want wie vraag je? Je vriendinnen die om half zes ook zelf tot over hun oren in de babyprakjes zitten? Je ouders die niet om de hoek wonen? Je buren die wel lief zijn maar met wie je zo’n kwetsbaar moment ook niet echt durft te delen?

‘Laat je het weten als ik iets voor je kan doen?’ zeggen vriendinnen. Ik knik steeds braaf, want dat zou ik wel willen. Ik ben alleen niet in staat om te bedenken wat dat ‘iets’ dan moet zijn, want mijn hoofd loopt over. Dat is nou juist het probleem.

Een vriendin van mij is net bevallen van haar vierde kind. Toen ze ziek was, bracht ik soep en ik stelde voor om haar twee jongsten op te vangen toen haar oudste ook ergens ging spelen. Zij heeft een dutje gedaan en een paar uur Netflix gekeken. Van mij mocht ze niet stofzuigen. Ze had niet om die hulp gevraagd, want ze redde het. Maar het was heel welkom.

Misschien is om hulp vragen niet het probleem. Misschien moeten we vaker hulp aanbieden.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

2 Reacties

  • Reageer Sylvia 19 oktober 2019 at 18:34

    Eens! Ik probeer het tegenwoordig ook vaker te doen: iemand een pannetje eten brengen (zelf dubbele hoeveelheid koken) is een relatief kleine moeite en zo fijn! Toen ik na de geboorte van onZe jongste maanden ziek was en 2 operaties verder heeft een vriendin geregeld dat wij iedere dag een pan eten kregen van een van onze vriendinnen, daarna heeft ze ons nog tijden elke week een keer eten gebracht: goud waard!!! En ik zou er nooit om gevraagd hebben. Dus ik doe nu aan pay it forward, en probeer dit ook te doen als ik denk dat iemand daar best blij van zou worden.

    • Reageer Sanne Windey 14 november 2019 at 16:21

      Ja, heel mooi! En het werkt ook echt zo, dat pay it forward.

    Laat je reactie achter