Natanja blogt over haar leven als moeder van een zoon van 12 en een dochter van 15. En over zichzelf natuurlijk.
Het is Koningsdag. Mijn man en ik worden samen wakker in een leeg huis. Dochter en zoon zijn allebei bij een vriend(in) in de grote stad. We kunnen onze dag helemaal zelf inrichten – iedere ouder weet hoe luxe dat kan voelen. We starten met koffie in bed en een fijn ontbijt om vervolgens voor de tv een kneuterige blik te werpen op de koninklijke familie. Ik wil mijn dochter roepen om samen de outfits van de prinsessen te beoordelen, maar die is er natuurlijk niet. En als ik me later verheug op de oranjetompoucen omdat zoon daar ook zo van houdt, besef ik dat ik die pas die avond aan hem kan voorschotelen.
Na nog een ronde koffie wandelen we over de kleedjesmarkt van onze nieuwe woonplaats. Om me heen zie ik vrolijke ouders, blije kinderen en speelgoed dat ik niet meer nodig heb. Knagend aan een zelfgebakken koekje dat ik bij een meisje kocht, denk ik aan de tijd dat de kinderen nog formaatje peuter waren en ik in mijn eentje met een big shopper genietend over de vrijmarkt struinde, om pareltjes tussen het verkochte speelgoed te scoren. Toen ze groter werden stonden we om zes uur naast ons bed om zelf een plekje op de markt te scoren. Waarom was ik me er niet sterker van bewust dat deze fase achter de rug is? Dan had ik er ritueel een einde aan kunnen breien.
Dat weekend zet ik hem op de trein naar een vriend.
Een paar dagen later volgt een gesprek met mijn dochter over de zomervakantie, en hoe graag ze die vooral met anderen zou willen vieren. Appt mijn zoon dat hij bij een vriend blijft eten en in de loop van de avond thuiskomt. Dat weekend zet ik hem op de trein naar een vriend voor een logeerpartij. ‘Heb je de perrons voor me opgeschreven mam?’ vraagt hij ietwat zenuwachtig. Het briefje met instructies verdwijnt in zijn broekzak. Trots op zijn moed en wat weemoedig zwaai ik hem uit. Zelfs taxi spelen is steeds minder nodig.
Nu mijn kinderen op de leeftijd zijn dat ze allebei steeds vaker de uitvliegen wens ik ze heel tegenstrijdig vurig aan mijn zijde op de bank. Ineens lijkt het me zalig om weer de hele dag vraagbaak en verzorger te zijn. En als deze jaren net zo snel gaan als de vorige, zit ik straks in no time in de volgende fase: het huis uit. Dat lege nest vind ik helemaal een gezonde ontwikkeling, maar ik weet nu al wat ik ga stimuleren: na de studie lekker snel aan kinderen beginnen. Kan ik daarmee op Koningsdag op een kleedje zitten.





Geen reacties