Lees

2021 voor Lisa: tussen vasthouden en loslaten

Net als vorig jaar sluiten we dit jaar af met elke dag een terugblik op 2021 van steeds iemand anders uit ons bloggersteam. Vandaag kijkt Lisa terug op haar jaar.

*zucht*

Tweeduizend eenentwintig…

Zoals ik mezelf beloofde, sloot ik inderdaad een sportabonnement af. Ik verwaarloosde dat inderdaad zoals ik eind 2020 al vermoedde. Behalve de laatste weken van dit jaar waarin ik trouw twee keer per week de sportzaal binnen slofte, met mondkapje en bordeauxrode drinkfles, want ik wil mezelf niet teleurstellen als ik mijn goedevoornemenslijst afvink en terugblik op het afgelopen jaar. Soms moet je jezelf een beetje voor de gek houden, toch?

Het dieet is niet gelukt. Hier wil ik verder niet al teveel woorden aan vuil maken.

Mijn afgelopen jaar heeft twee pionnen waar alles tussenin is gevallen: één pion op links met een rond wit bord en waarschuwende rode rand waarop staat ‘VASTHOUDEN’. En één pion op rechts met daarop een wapperend vlaggetje en met sierlijk geverfde letters de tekst ‘LOSLATEN’. Ik heb daar het godganse jaar tussen op en neer gerend. Van vasthouden naar loslaten en weer terug. Toch nog wat gesport dus.

Met lichte tegenzin sjokte ik keer op keer terug naar het ronde bord met de rode rand.

Hoe bewust ik mezelf er ook van bleef, ik betrapte mezelf er met grote regelmaat op dat mijn jaar bestond uit controle, wantrouwen en angst terwijl ik zo graag wilde dat het uit liefde en loslaten zou bestaan.
Iedere keer opnieuw, als ik met mijn ‘fuck-it-gedachte’ bij de pion met wapperend vlaggetje was aangekomen met een briljant plan over het adopteren van kinderen, een eigen bedrijf opstarten, mezelf inschrijven voor de Bachelor of het bestellen van een complete detox-kuur, riep de andere pion me terug en had ie weer tig beren op de weg om over te zeiken. Met lichte tegenzin sjokte ik keer op keer terug naar het ronde bord met de rode rand, en hield het vast. Het loslaten van gewoontes en idealen deed ik wel een andere keer, vasthouden van alles wat ik had was makkelijker.

Mijn kinderen zijn in mijn slechtste dromen het afgelopen jaar al zo’n achttien keer verzopen. Ze zijn onder een sneeuwlawine terecht gekomen en in een put belandt. Ik wil ze vasthouden, maar ze vertrekken tegenwoordig in hun eentje met reflectors om hun mouw op de fiets naar de plaatselijke soos, en komen in het donker weer thuis. Ze verplichten me om mezelf te verplaatsen naar de loslaat-pion en daar maar te gaan zitten wachten. Tot de automatische verlichting van de carport aanspringt, de poort open zwaait, er een blij kind zijn fiets in de tuin parkeert en de keuken binnen stormt. En zegt dat het súper leuk was bij de soos.

Ik sta ondertussen met buikpijn, de minuten aftellend tot hij binnen kwam, met in mijn hoofd “hij had er toch al lang moeten zijn?!” semi-relaxed door de pastasaus te roeren, en voel heel dichtbij me een wapperend vlaggetje met sierlijk geverfde letters de tekst ‘LOSLATEN’. Het wapperend vlaggetje staat op het hoofd van mijn zoon. Hij geeft me een kus. “Je hoeft je geen zorgen te maken hoor mama,” zegt hij.  

Mijn kinderen sleuren me, goddank, naar het loslaat-vlaggetje. En als ik er niet naar toe kom, komen zij wel met het vlaggetje naar mij. Voor alle andere fuck-it gedachten zal ik toch echt mezelf die kant uit moeten slepen. Of gewoon lopen. Of enthousiast rennen. Dan sport ik óók nog wat.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter