Leer

5 binnenspeeltips voor je kind én jou

‘Ik verveel me,’ zegt Teun stellig. Terwijl hij een minuut daarvoor nog vol enthousiasme in zijn eigen fantasiespel zat. De oplosser in mij krijgt direct behoefte om allerlei suggesties te roepen: ‘waarom ga je niet tekenen/een hut bouwen/met Playmobil spelen/je kamer opruimen?’ Maar ik houd me in want hé het opvoedadvies ‘laat ze zich maar even lekker vervelen, daar worden ze creatief van’ klinkt ook ergens in mijn hoofd.

Ik las deze week dat aanstaande zaterdag de allereerste Nationale Binnenspeeldag (als tegenhanger van de Buitenspeeldag) wordt georganiseerd door Playmobil en Nickelodeon. Een dag voor kinderen én ouders om ongestoord samen binnen te spelen. Samen spelen? Was mijn eerste gedachte toen ik dat las. Een hele dag? Ik ben helemaal niet goed in samen spelen. Ik begin vaak vol goede moed maar na vijf minuten (of waren het er nou drie?), denk ik al aan het artikel dat ik nog wilde lezen, de was die nog moest worden opgehangen, of de vriendin die ik nog wilde appen. Samen spelen is niet mijn sterke kant. En… hoe zit het dan met dat ‘laat ze zich maar lekker vervelen-’opvoedavies, waar ik me ook een beetje achter verschool? Ik besluit te rade te gaan bij mijn vriendin en opvoedkundige Eva Bronsveld, die het opvoedkundige gedeelte van ons boek Van achter het behang tot over je oren schreef én ook heeft meegedacht over de Binnenspeeldag.

Niet ieder kind wordt creatief van vervelen. En dat is niet erg

‘Tja,’ zegt Eva als ik haar hierover bel, ‘het ene kind wordt er inderdaad creatief van en gaat leuke dingen doen, het andere kind gaat uit verveling zijn broertje of zusje irriteren en de ander vraagt tijdens het vervelen om de drie minuten om de tablet. Sommige kinderen vinden het moeilijk om zelf iets te verzinnen om te doen en het ene kind speelt weer makkelijker alleen dan het andere kind. Een standaard recept heb ik niet.’ Als ik Teun naar de iPad zie grijpen, concludeer ik dan ook dat het opvoedkundig gezien geen misdaad is hem een beetje op weg helpen met dat spelen en dat het – bij afwezigheid van zijn grote zus en buurmeisjes – ook wel leuk is om samen een activiteit te gaan ondernemen.

Ik tank nog even wat ideeën bij Eva om mezelf een schop onder de kont te geven en deel ze hier graag, want misschien hebben jullie er ook wat aan.

Doe dingen waar je allebei energie van krijgt

De eerste tip die Eva geeft is zo logisch, dat ik me afvraag waarom ik dit zelf niet heb verzonnen. ‘Probeer eens zoveel mogelijk dingen te bedenken waar hij én jij blij van wordt,’ zegt ze. Als ze mij hoort sputteren voegt ze toe: ‘dat kan ook koekjes bakken of iets dergelijks zijn. Er zijn altijd dingen te bedenken waar je allebei van oplaadt.’ In mijn hoofd noteer ik: cupcakes-cup spelen en vraag me af of we de spullen daarvoor in huis hebben. ‘Maak anders eens een lijstje van zoveel mogelijk dingen zodat je wat inspiratie hebt voor de momenten dat je het even niet weet,’ voegt ze toe. Misschien moet ik mezelf inderdaad er niet toe laten verleiden mee te gaan doen in zijn fantasiespel, dat kan ik beter aan zijn leeftijdsgenoten overlaten. Maar een spelletje Uno of Speed Cups, daar kan ik me wel langer dan vijf minuten op concentreren.

Accepteer en ben er bij

Eva: ‘Sommige kinderen hebben behoefte aan contact met anderen. Anderen hebben het juist nodig om regelmatig even alleen te spelen.’ Teun kan eigenlijk heel goed alleen spelen, maar dat hij dat soms wel eens zat is, ook als er geen leeftijdsgenoot in de buurt is, is natuurlijk niet gek.

‘Het is natuurlijk niet vreemd dat je wel eens denkt ‘het zou wel handig zijn als hij nu even zelf zou spelen,’ zegt Eva. ‘Dat is een begrijpelijke wens is, alleen heeft het niet zoveel zin om dat te denken, op momenten dat het hem even niet lukt. Dan heeft hij het blijkbaar wel nog nodig om tijd met jou door te brengen. Als het je lukt dit voor even volledig te accepteren, zul je er meer van genieten. Hoe vaker je gedachten hebt over wat je eigenlijk zou willen, hoe vervelender de situatie zoals hij nu is, in je beleving wordt.’ Ik voel me een tikje betrapt als Eva dit zegt. Want hoe vaak ben ik niet met mijn gedachte heel ergens anders als Teun zijn onnavolgbare fantasie over mij uitstort? Alsof ze mijn gedachte hoort voegt ze nog toe: ‘Als je er maar half bij bent, is de kans groot dat het nooit genoeg is voor je kind, hoeveel tijd je ook met hem doorbrengt.’

Bedenk wat de voordelen zijn van samen spelen

Alhoewel ik ervan overtuigd ben dat het voor Teun veel leuker is om met zijn buurmeisje Olivia of zijn bff Fabian te spelen, dan met een moeder die zijn fantasie niet kan volgen, vertelt Eva mij wat het voordeel is van spelen met mij: ‘Jij kunt nieuwe impulsen geven aan zijn spel die hij daarna kan verwerken in het spel met zijn buurmeisje of vriendjes.’ Ik denk terug aan dat we een keer samen met heel veel lol verstoppertje speelden, en dat dat daarna een tijd lang ook weer een grote hit is geweest met zijn vriendjes. Misschien moet ik weer wat vaker wat van die ouderwetse dingen uit de kast trekken.

Een ander voordeel dat Eva benoemt is dat het voor sommige kinderen heel fijn kan zijn om te spelen met het begrip ‘wie is er nu de baas?’ Eva: ‘In het spel met jou kan je kind een rol aannemen waarin híj eens alles voor het zeggen heeft. Hij speelt dan even jouw vader of juf, of een politie-agent die een bekeuring uitschrijft als jij je niet aan zíjn regels houdt. Zeker kinderen met een grote behoefte aan autonomie smullen hiervan.’

Maak een verveelpot of dingen-om-te-doen-lijst

‘Je kunt het ik-verveel-me-moment ook vóór zijn door een keer samen een heleboel dingen te gaan verzinnen die hij kan doen, als hij zich verveelt. Alleen, met jou, of met een vriendje,’ zegt Eva. Zij maakte een keer samen met haar zoon Mees een hele lange lijst met activiteiten en samen schreven ze dat op een groot vel. ‘Die pakt hij er nu bij als hij niet weet wat hij moet doen. Je kunt ook ideeën op losse papiertjes schrijven en deze in een pot doen, zodat er nog een verrassingselement in zit.’ Dat verrassingselement lijkt me dan wel weer bij Teun passen.

Overigens verzon Eva voor de Nationale Binnenspeeldag een lijst met 25 activiteiten. Dit waren mijn favorieten van die lijst:

  1. Tien knuffels/playmobilpoppetjes/pollepels/snoepjes of andere voorwerpen verstoppen
  2. Koekjes bakken, mooie doosjes versieren om ze in te doen en in de buurt, bij andere binnenspelers rondbrengen
  3. Om de beurt een parcours bedenken door het hele huis dat jullie allemaal moeten afleggen
  4. Samen dansen waarbij steeds iemand een danspasje voordoet wat de anderen nadoen. Degene die aan de beurt is wijst zelf de volgende aan als hij er klaar voor is.
  5. Allemaal drie dingen uit huis zoeken die niks meer waard zijn en weg kunnen (is meteen je huis een beetje opgeruimd) en dan van de hele verzameling een groot kunstwerk maken
  6. Allemaal zes woorden uit een tijdschrift knippen en daar een lopend verhaal van maken met zo weinig mogelijk aanvullingen

Nog een waardevolle toevoeging van Eva: ‘Natuurlijk is het juist ook heel leuk om je over te geven aan wat je kind bedenkt. Want meestal kunnen wij, als het om spelen gaat, meer van onze kinderen leren dan andersom.’

Gebruik de goede woorden bij het stoppen

En als je dan klaar bent met spelen, dan kun je dat ook nog op allerlei verschillende manieren brengen legt Eva me tot slot uit. ‘Zeg je bijvoorbeeld ‘je moet nu zelf gaan spelen want ik moet koken,’ dan lijkt het voor hem of het contact verbroken wordt en hij daar geen invloed op heeft. Dan is de kans groter dat hij in opstand komt. Zeg je ‘Het is tijd om te koken. Wil je me helpen of blijf je liever hier aan tafel puzzelen?’ dan blijven jullie in contact en kan hij zelf beslissen wat hij doet. Zitten jullie net samen te tekenen of knutselen, dan werkt het waarschijnlijk beter als je zegt: ‘Ik hang even een was op en als ik klaar ben kom ik meteen kijken wat jij nog meer hebt getekend’ dan wanneer je zegt: ‘Teken nu maar even alleen verder want ik moet even iets anders doen.’

Terwijl ik al Eva’s adviezen heb zitten noteren, was Teun achter zijn iPad gekropen. Voordat ik dit blog ga uitwerken gaan we eerst maar eens een potje Uno doen. Het wordt tijd dat ik weer eens van hem win!

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

1 Reactie

  • Reageer Brenda van der Wal 27 oktober 2018 at 13:18

    Wat een goede tips!! Ik ga dit artikel absoluut bewaren. Wat ik zelf ook leuk vindt is mee te gasm kleuren of te klijen. Dus als zij gaan kleuren in hun eigen kleurboek, ga ik zelf ook iets aan tafel “kleuren”. Supergezellig met wat koekjes etc op tafel en hun favo muziek 😉.

  • Laat je reactie achter