vervelen
Lees

Vervelen

Marloes is moeder van Willem (8 jaar) en Guusje (6 jaar), en sinds kort zij-instromer op een basisschool. Ze blogt over haar rommelige en drukke leven.

‘Mama, ik verveel me zo.’ Mijn dochter draait lamlendig rondjes op de luie stoel. Week twee van de meivakantie en we hebben er al een heel programma op zitten. Linnaeushof, logeerpartij, Koningsdag, bioscoop, kermis, Naturalis: allemaal al gehad. Mijn innerlijke moederharen gaan overeind. Vervelen? Ze heeft verdorie een kamer vol speelgoed, puzzels, knutselspullen, boeken, poppen, dat slijm waarvan ik al honderd keer heb gezegd dat ze het op mag ruimen – en dan nog zeggen dat je je verveelt?

Maar ik houd mijn mond. Want: vervelen is goed. Vervelen is de poort naar creativiteit, autonomie, zelfs existentiële reflectie – wat dat ook mag zijn, maar dat las ik laatst ergens en het klonk wel goed. Dus: verveel jij je maar even lekker, meid.

‘Wat kan ik gaan doe-hoehoen, mama? Wil jij een spelletje doen?’ In mijn hoofd schreeuw ik: Nee, godver-neeeeeee! Maar ik weet óók: deze tijd komt nooit meer terug. Dus ik slik, zucht diep en stel een potje Uno voor. Snel, overzichtelijk.

In mijn hoofd gil ik opnieuw

Twintig minuten later laat ik haar (bewust) winnen en huppelt ze naar buiten. Mijn moederhart gloeit – tot de volgende de trap afsjokt. ‘Maaaaam, ik weet niet wat ik moet doe-hoen.’ Mijn zoon komt dramatisch dicht bij me staan. In mijn hoofd gil ik opnieuw, maar mijn buitenkant blijft zen. Ik tel tot tien.

‘Ga anders een rondje fietsen. Kijk wie er thuis is.’ De iPad-vraag komt natuurlijk nog. Het antwoord ook (nee). Met een grom sjokt hij verder richting voordeur. Bam. Dicht. En dan ineens – rust. Rust.

Niemand schreeuwt. Niemand wil iets drinken. Niemand zit op mijn nek. Dit is het moment waar ik al anderhalve week op wacht. Mijn boek ligt klaar. De koffie is warm. De luie stoel is vrij. Eindelijk, het is tenslotte ook míjn vakantie.

Een dik uur later wil ik een ijsje halen, maar de kinderen willen niet mee. Ze zijn druk. Met een stok, water en wat zand. ‘Misschien straks mam.’ Verbaasd loop ik terug naar binnen. Dwaal wat rond. En nu? De was doen? Of de koelkast schoonmaken? Lessen voorbereiden? Iets aan mijn studie doen? Meh, geen zin in. Oh jee. Ik verveel me.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter