mysterie
Lach, Lees

Mysterie

Marloes is moeder van Willem (8 jaar) en Guusje (6 jaar), en leerkracht van groep 3 op een basisschool. Ze blogt over haar rommelige en drukke leven.

‘Ik sta voor een mysterie,’ zegt mijn man met grote ogen, terwijl hij zijn armen in de lucht gooit voor dramatisch effect. Ik heb net de drukste week van mijn leven achter de rug en het laatste waar ik nu zin in heb is het oplossen van een probleem van een ander. Hij wijst naar de gangkast. Ernaast staat een glanzend schone kattenbak. Fijn, die taak heeft hij dan tenminste gedaan.

‘De sleutel is weg,’ zegt hij. ‘Ik kan ’m nergens vinden.’ Ik staar naar de kast. Dé kast. Waar de kattenkorrels liggen. ‘Weg?’ hoor ik mezelf snauwen. ‘Hoezo weg? Een sleutel kan toch niet zomaar verdwijnen?’

Wat als de stoppen doorslaan?

We struinen samen het huis door. Ik kijk in laatjes, bakjes, jaszakken, mandjes. Niets. ‘Daar heb ik al gekeken,’ zegt hij. Ja, maar niet met mijn ogen, denk ik er achteraan. Mijn bloeddruk stijgt. Drie keer vraag ik hem hoe hij die sleutel kwijt heeft kunnen raken. Híj gebruikt ‘m toch altijd? Wat als de stoppen doorslaan? Wat als de wifi het begeeft? Dan kunnen we nooit meer bij… de dingen!

Even later zie ik hoe hij met een schroevendraaier de scharnieren probeert los te wrikken. ‘Die deuren zijn net nieuw,’ sis ik. ‘Zaten de reservesleutels ook aan die ene sleutel?’ Hij knikt. Ik tel tot tien. Onze hulp weet het ook niet. Als laatste redmiddel appen we de aannemer. Wanhopig.

Dan verschijnt onze zoon in de deuropening. Gamecontroller in de hand, maar toch geïnteresseerd in wat we de hele tijd aan het doen zijn. ‘De sleutel is weg,’ zeg ik met een zucht. ‘We kunnen niet meer bij de kattenkorrels. En als de wifi straks uitvalt, kunnen we jou ook niet meer redden.’

Hij haalt zijn schouders op.

Hij haalt zijn schouders op. ‘Oh, die sleutel? Ik weet wel waar die ligt.’ Voor we kunnen reageren, schuift hij een doos opzij, en pakt op z’n elfendertigst de sleutel van een plek die ik pas tijdens de voorjaarsschoonmaak van 2026 zou hebben ontdekt.

‘Hoezo ligt die daar?’ weet ik uit te brengen. ‘Ik was boos op papa,’ zegt hij. ‘Dus toen heb ik de sleutel daar neergelegd.’ En daar staan we dan. Klaar om boos te worden. Maar mijn mond vol tanden weet niks uit te brengen. ‘Ik pak de kattenkorrels’, stamelt mijn man. ‘Dan berg ik de reservesleutel even op.’

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter