Kleuter, Lees

Pick your battles

Dat hele moederschap is toch ook één grote aaneenschakeling van momenten waarvan je van tevoren een heel ander beeld had.
Er zijn een hoop dingen waarvan ik dacht dat ik ze wel even klaar zou spelen als ik moeder zou worden, zo moeilijk kan het toch niet zijn om ze eerst hun vorige speelgoed op te laten ruimen? Gewoon een kwestie van consequent zijn en volhouden. En volhouden, dat kan ik. Ik had er het volste vertrouwen in dat ik die regel wél tot een succes kon maken. Het is zo’n regel die ik wel eens opgevangen had, maar ik heb ondertussen het donkerbruine vermoeden dat ik die regel oppikte tijdens een gesprek tussen twee moeders waarin ze steun zoeken bij elkaar omdat het namelijk een onmogelijke regel is om vol te houden.

De vloer ligt helemaal vol met puzzelblokjes, duplo en verkleedkleren. Lieve en ik liggen elkaar al de hele ochtend dwars. Ik voel me alsof ik in een mariokartautootje zit en de hele tijd obstakels moet ontwijken om maar niet te crashen. Lieve ligt aan kop en ik ben de aap.

Dan wil ze een filmpje kijken. Nu. In gedachten stroop ik mijn mouwen op. Pick your battles, zeggen ze wel eens. Nou, deze kies ik. Dat ze niet haar boterham heeft opgegeten, de melk die ik extra voor haar inschonk toch niet opdronk, zich nog steeds niet heeft aangekleed en haar broertje afkatte, ik kon het allemaal omzeilen, maar nu geef ik gas. Hier kom je niet onderuit, dame. Ik ben mentaal tot de tanden toe bewapend. Ik heb goed geslapen, Pepijn ligt nog wel even te slapen en ik heb alle tijd. Kom maar op met je drama en driftbui.
“Nee, Lieve,” zeg ik, “je ruimt eerst al die puzzels die je op de grond hebt gegooid op.”
Ze weigert. Er volgt gedram, gejengel en gezeur, maar ik ben onvermurwbaar.

Eerst ben ik trots op mezelf. Na alle kleine gedoetjes vanmorgen neem ik voor deze battle eens de tijd. Ik ga ook niet onderhandelen, deze gaat ze niet winnen. Maar na een uur zit ze nog steeds koppig tranen te persen op de bank. Ik vergat even dat het mijn genen zijn die daar net zo onvermurwbaar zitten te zijn.
En dan ineens laat ze zich van de bank zakken en raapt ze met hangende schoudertjes en de grootste pruillip die ik ooit zag een paar blokken op.
“Moeilijk hè, als je iets niet wilt?” zeg ik begripvol. “Dat vind ik ook.” Ze knikt. We ruimen samen op en racen tegelijk over de finish. We winnen allebei.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter