Lees

Afgrond

Met de kabelbaan omhoog. Dat was het plan . Leuk voor ons, dachten we. En leuk voor Zora.  Dus volgden we de haarspeldbochten die ons in een half uur bij de bergen van Montserrat brachten.

Deze week speel ik samen met Elsbeth en Zora een gezinnetje dat vakantie houdt in Spanje. In Catalonië om precies te zijn. Voor Eliza was here mogen we namelijk ervaren hoe kindvriendelijk de reizen en accommodaties van de reisorganisatie zijn die meestal linksaf gaat waar de meeste mensen rechtsaf gaan. Die zich richt op avontuurlijke en ondernemende reizigers en nu dus ook op gezinnen.

Op de parkeerplaats bij de kabelbaan bakkeleien Elsbeth en ik als een echt echtpaar over of we de buggy wel of niet mee naar boven nemen. We besluiten hem in de auto te laten. Daar bovenop die berg is het vast niet handig met zo’n wagen en als Zora te dichtbij de afgrond komt, houden we haar gewoon even vast, bedenken we ter plekke. We knikken elkaar bemoedigend toe.

Trots op onze weloverwogen beslissing stappen we monter de kabelbaan in.

In één minuut brengt het gele bakje ons duizend meter de hoogte in.  Ik was even vergeten wat dat met me doet. Wiebelig in mijn benen stap ik het bakje weer uit.

Nou heb ik het normaal gesproken al niet zo op heel grote hoogtes, met een vrolijk springend kind dat overal op klimt erbij dat alles wil zien en ervaren, maakt het er niet bepaald relaxter op.  Je hoort weleens dat je je angsten niet op je kinderen moet overbrengen. En ik doe echt heel erg mijn best, maar mijn stem verraadt anderszins.

‘Kijk uit!’
‘Niet te dicht bij die rand!’ gil ik.
‘Pas op, Zora’
‘Niet op het hek klimmen!’

Ik probeer mijn ogen uit te kijken, maar durf Zora geen seconde uit het oog te verliezen. Voor het gemak was ik even vergeten dat Zora geen meisjes is dat hand in hand wilt lopen. Boos trekt ze haar handje los. Mijn zweethanden bungelend achterlatend.

Natuurlijk staan er overal hekken. En een afgrond in storten gebeurt écht niet, maar mijn buikgevoel vertelt me hele andere verhalen. Zora maakt versnellingen van nul naar 10 km/uur in een fractie van een seconde. Het liefst richting die diepte. Mijn brein trekt dat blijkbaar niet en mijn maag draait zich om. Zo’n tien keer per minuut.

Wie had ook alweer bedacht dat we die kinderwagen in de auto moesten laten?

Ik besluit Zora op mijn nek te nemen. We zijn nu al zó hoog, die anderhalve meter kan er ook nog wel bij. Ik houd haar beentjes en hand zo stevig vast dat de striemen erin staan. Zora vindt het allemaal fantastisch. Nieuwsgierig kijkt ze om zich heen. Nu ik haar zo veilig bij me draag, durf ik eindelijk een beetje om me heen te kijken.

Wat is het hier prachtig! Het dorpje Montserrat ligt als een vogelhuisje genesteld tegen de kammen van de zogenoemde gekartelde berg. Een prachtig klooster siert de bergen. Een kabeltreintje brengt waaghalzen naar een nog hoger gelegen punt. Het schijnt de steilste kabelbaan van Spanje te zijn. Wij zijn die waaghalzen niet.

Ik kan pas weer ontspannen als Zora stevig in een kinderstoeltje zit vastgesnoerd.

In de auto prevelt Zora voor zich uit:
‘Kijk uit!’
‘Bergggg!’

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter