Lees, Zwanger

Geur

Ik werd me tijdens mijn zwangerschap pas voor het eerst bewust van mijn reukvermogen. Tuurlijk, ik wist daarvoor wel dat ik kon ruiken, maar ineens was het alsof alle geuren daarvoor onder een waasje hadden gelegen. Een filter dat er tegelijk met het verschijnen van de twee streepjes op de zwangerschapstest afgegleden was. Elke geur werd intenser. Lekkere geuren, zoals fris gewassen beddengoed en gemaaid gras. Maar vooral vieze geuren: een vuilniszak met rottende bloemen erin, de viskraam op de markt. Een zoektocht op internet leerde me dat ik niet de enige was, maar het is nooit bewezen dat je geur beter wordt tijdens een zwangerschap.

Ik vermoed dat die gevoelige neus er is om je ervoor te behoeden dat je onverhoeds toch een stukje rottende vis opeet of je een ruimte in wilt lopen waar net met schadelijke stoffen is gewerkt. Maar ook na mijn zwangerschap kon ik nog zo goed ruiken. En toen had ik m’n neus alleen nodig bij de bekende ‘babysnuiflift’. Die beweging waarbij je je baby in één zwaai door tot boven je hoofd tilt om aan de billen te snuffelen of er sprake is van een poepluier. Wat eigenlijk een vrij onnodige handeling is, want ik ruik een poepluier van drie kamers ver door de dichte deuren heen. Wat dat betreft zijn we net honden. Die ruiken hun soortgenoten ook al van kilometers afstand, maar ze scheppen er toch nog genoegen in om bij de daadwerkelijke begroeting hun neus bijna ín de kont van hun nieuwe vriend te steken.

Best handig, maar mijn afkeer van synthetische luchtjes is nog groter geworden. Noemde ik mezelf eerst gewoon ‘niet zo’n parfumliefhebber’, nu moet ik mijn neus dichtknijpen als ik langs een schap vol pastelkleurige kaarsen met namen als Mystic Magnolia en Rainy Garden loop.

Als ik tegen lunchtijd met Lieve over het winkelpleintje wandel, komen de verleidelijke geuren van gebakken vis ons tegemoet. Ik negeer mijn smekende buik en wil doorlopen. Dan steekt Lieve ineens haar neus in de lucht en zegt glunderend: “Ik ruik vis. Ik heb een goede neus!” Nog geen half uur later zitten we thuis achter een bord kibbeling. zegt ze glunderend. Toch jammer dat diezelfde neus niet waarschuwt voor calorieën.

Vorige bericht Volgende bericht

Ook leuk

Geen reacties

Laat je reactie achter